Nieuws
Parkinson: welke symptomen in de ‘off’-fase?

Parkinson: welke symptomen in de ‘off’-fase?

Naast lichamelijke blokkades kunnen er tijdens de ‘off’-fasen van de ziekte van Parkinson ook niet-motorische symptomen optreden.

Reclame

‘Off’-fasen bij de ziekte van Parkinson

Het valt niet mee om van het ene moment op het andere letterlijk te blokkeren in volle activiteit: voeten aan de grond genageld en niet meer in staat om te bewegen. Het gaat hier om de zogenaamde ‘off’-fasen. Ze kunnen ontstaan tussen twee innames van L-Dopa, meer bepaald als de laatste tablet is uitgewerkt. In dat geval spreken we van eindedosisfluctuaties. Na verschillende jaren kunnen die blokkades van de motorische functies zich echter ook onverwachts voordoen. De patiënt kampt dan met zogenaamde ‘on/off’-fluctuaties.

Niet-motorische symptomen tijdens de ‘off’-fasen

Bijna de helft van alle patiënten krijgt niet-motorische symptomen in de ‘off’-fase:

  • vage pijn,
  • dystonie (langdurige en pijnlijke spiercontracties, aan een deel van de voet bijvoorbeeld),
  • buikpijn,
  • moeite om zijn urine of stoelgang op te houden,
  • concentratiestoornissen,
  • kortademigheid,
  • angst die soms kan ontaarden in echte paniekaanvallen.

De niet-motorische symptomen tijdens de ‘off’-fasen beperken

U merkt het: het plaatje oogt niet rooskleurig voor patiënten die last hebben van dergelijke symptomen. Toch komen die niet allemaal per se tegelijk voor. Bovendien helpt een therapeutische strategie om ‘off’-fasen te beperken ook de bijgaande niet-motorische symptomen te bestrijden.

  • Wanneer de ‘off’-fasen veroorzaakt worden door eindedosisfluctuaties, kunnen de dosis en de frequentie van geneesmiddelen op basis van L-Dopa worden aangepast. De behandeling kan ook worden aangevuld met een COMT- of een MAO-remmer, of met een dopamineagonist (eventueel met langdurige werking).
  • Wanneer geneesmiddelenbehandelingen niet meer voldoende doeltreffend zijn, kunnen sommige patiënten in aanmerking komen voor andere, complexere behandelingen. Onder meer diepe breinstimulatie of gebruik van pompen die permanent levodopa afgeven in de dunne darm.

Houden de ‘off’-fasen ten slotte aan en veroorzaken ze een te grote angst, dan wordt er soms een antidepressivum voorgeschreven dat inwerkt op het serotoninemetabolisme. Ter info: serotonine is een neurotransmitter die een rol speelt bij de emotieregulatie.

Reclame