News

troubles-ecriture-stoornissen-schrijven_493x200

Ziekte van Parkinson: schrijven, ondanks alles

Drie op de vier parkinsonpatiënten kampen met schrijfstoornissen. Gelukkig kunnen ze met een beetje oefening weer correct leren schrijven.

Reclame

Een symptoom van de ziekte van Parkinson

Schrijfstoornissen treden op vanaf het prille begin van het ziekteproces en zijn voor de onwetende patiënt vaak een aanleiding om een arts te raadplegen. De meest voorkomende schrijfstoornis is micrografie (kleinere letters schrijven). Veel patiënten klagen er ook over dat ze moeite hebben om te beginnen schrijven (en dus de eerste letters op papier te zetten). Tussen de lettergroepen waaruit de woorden zijn samengesteld, verschijnen er vaak lege ruimten; die wijzen op de blokkades die de patiënt tijdens het schrijven ervaart. Tot slot hebben parkinsonpatiënten ook veel moeite met lusvormige letters (bv. de e’s en de l’s). Idem voor de m en de n, waarbij ze de neiging hebben om er één of meer halen (“bruggetjes”) aan toe te voegen.

De oorzaken van schrijfstoornissen

Micrografie is een gevolg van de motorische stoornissen bij de ziekte van Parkinson:

  • Akinesie (moeite of onmogelijkheid om te bewegen) bemoeilijkt het in gang zetten van de beweging en dus ook van het schrijven.
  • Bradykinesie (vertraagde bewegingen) verkleint de omvang van de letters en dus het geschrift.
  • Spierstijfheid maakt het geschrift minder vloeiend en vermindert dus de kwaliteit ervan.

Beven tijdens het schrijven is daarentegen vrij zeldzaam. Het beven bij parkinson vermindert immers bij het maken van bewegingen.

Hoe kunnen schrijfstoornissen verholpen worden?

Revalidatiesessies bij een logopedist of een orthofonist leveren vaak goede resultaten op bij parkinsonpatiënten. Deze professionals raden meestal een vijftiental sessies aan, met een frequentie van drie sessies per week. Daarnaast moet de patiënt ook twee keer per dag een aantal thuisoefeningen doen.

Wat houden zulke revalidatiesessies in?

Revalidatie voor micrografie bij parkinsonpatiënten omvat verschillende fasen:

1) De patiënt weer vertrouwd maken met ruime schrijfbewegingen.

Bv.: bruggen, golven en lussen laten tekenen, eerst in de ruimte, dan op grote oppervlakken.

2) De juiste hoogte van de letters terugvinden, door eerst korte woorden te schrijven en vervolgens steeds langere, op een gelijnd schrift.

3) Een schrijfstijl aanleren waarbij de patiënt woorden kan noteren zonder zijn potlood te moeten opheffen van het blad.

4) De voorkeur geven aan praktische teksten: boodschappenlijstjes, wenskaarten, naam, voornaam en adres, enz.

Bij elke sessie geeft de therapeut mondelinge richtlijnen aan de parkinsonpatiënt (bv.: “Schrijf groot”, “Stijg”, “Daal”, “Schrijf uit elkaar”, enz.). Doel van deze methode? De bewegingen bewuster en minder automatisch maken. Door deze verbale aanwijzingen te onthouden en zich bewust te worden van de uit te voeren bewegingen, weet de patiënt vervolgens wat hij precies moet doen om het verhoopte visuele resultaat te bereiken.

Reclame