Zoom

ejaculation-precoce-que-faire-vroegtijdige-zaadlozing-hoe-aanpakken-493x202

Vroegtijdig klaarkomen: hoe aanpakken?

Vroegtijdig klaarkomen, ook vroegtijdige zaadlozing of premature ejaculatie genoemd, is een vaak voorkomend probleem: ongeveer 1 man op 3 heeft er, al dan niet tijdelijk, last van. Wat lokt een vroegtijdige zaadlozing uit?

Aan de basis: controleverlies over opwinding

Gewoonlijk neemt men aan dat mannen die binnen de minuut na penetratie ejaculeren, de seksuele opwinding niet onder controle hebben. En daar ligt hun probleem. Het is immers de seksuele opwinding die de zaadlozing inzet. Vandaar dat de definitie van vroegtijdige zaadlozing die specialisten actueel hanteren, eerder spreekt van de moeilijkheid om de seksuele opwinding te beheersen teneinde de duur van de penetratie te verlengen.

Van opwinding naar zaadlozing in twee fasen

Als de seksuele opwinding te groot wordt, is er geen weg terug en volgt de zaadlozing onvermijdelijk.

Twee reflexen treden in werking wanneer de zaadlozing zich voordoet:

  • eerst is er de uitstotingsreflex: door samentrekking van de zaadblaasjes en de prostaatklier komt het sperma (= zaadcellen + prostaatvocht) in de plasbuis (urethra) terecht. Eenmaal deze reflex ingezet, kan de zaadlozing niet meer gestopt worden.
  • Daarna volgt de uitdrijvingsreflex waarbij ook de bekkenbodemspieren een rol spelen. Onthoud echter dat het versterken van deze spieren de zaadlozing niet kunnen verhinderen omdat de uitstotingsreflex de zaadlozing al onomkeerbaar maakt.

Deze twee reflexen kunnen we niet controleren en, wanneer ze zich voordoen, kan de zaadlozing niet meer worden gestopt. Mannen moeten dus de signalen kennen die hen erop wijzen dat hun opwinding toeneemt en ingrijpen vooraleer de reflexen zich inzetten. Partners kunnen helpen om het verloop van de opwinding te moduleren door de intensiteit van de stimulaties die zij toedienen te verhogen of te verlagen.

Welke behandeling voor vroegtijdige zaadlozing?

De behandeling van vroegtijdige zaadlozing bestaat erin om mannen te leren het verloop van de seksuele opwinding tijdens de penetratie onder controle te houden. “Mannen kunnen de basisprincipes eerst leren tijdens masturbatie”, legt Dr. de Carufel uit. “Daarna passen zij deze principes toe bij penetratie. De manier van bewegen, de spierspanning en de ademhaling kunnen worden gebruikt om de opwindingssnelheid te vertragen. Zo kan het koppel pauzes in het seksuele spel inlassen. Ook minder snelle en soepelere bewegingen remmen de opwinding. Tot slot kan buikademhaling tijdens de penetratie helpen om de buikspieren te ontspannen en de opwinding onder controle houden.”

Een behandeling functionele klinische seksuologie bij een klinisch seksuoloog kan helpen om zich meer vertrouwd te maken met het seksuele functioneren. Maar alleen de praktijk kan leren of er verbetering is!

Reclame
Ziektes van A tot Z