backtotop
Nieuws
Spasticiteit opsporen na een beroerte

Spasticiteit opsporen na een beroerte

Lange tijd werd aangenomen dat spasticiteit maanden nodig heeft om na een beroerte op te treden. De laatste jaren heeft onderzoek echter aangetoond dat spasticiteit zich al in de eerste weken en zelfs dagen kan voordoen.

Reclame

Na een beroerte of cerebrovasculair accident (CVA) slaagt het beschadigde brein er niet meer in om de spieractiviteit tot rust te brengen. Zo ontstaat spasticiteit. De intensiteit van de spasmen weerspiegelt de ernst van de hersenschade. “Spasmen zijn geen goed nieuws. Mensen die goed herstellen, hebben weinig last van spasticiteit. Iemand met spierspasmen heeft nog andere functionele beperkingen”, zegt professor Thierry Deltombe (CHU UCL Namur – Godinne).

Drie dagen na een CVA

“Gedacht werd dat spasticiteit pas enkele maanden na een CVA opdook, maar niets is minder waar. Onderzoekers hebben gevallen van spasticiteit onmiddellijk na een beroerte bestudeerd. Ze hebben daarbij vastgesteld dat zo’n 25% van de patiënten na drie dagen al spasmen had. Na één jaar had 50% van de patiënten spasmen, waarvan 30% met een ernstige vorm.1,2 Ernstige spasticiteit is gênant en oncomfortabel, en beperkt in sommige gevallen de werking van het lichaamsdeel. Tijdens het onderzoek werden factoren bepaald die kunnen voorspellen of de patiënt spasmen zal ontwikkelen. Zo voorspelt spasticiteit vier weken na een CVA heel waarschijnlijk (91%) ernstige spasticiteit na één jaar. Andere voorspellende factoren zijn ernstige verlamming, verminderde autonomie en gevoelsstoornis. “Hoe ernstiger de beroerte, hoe groter het risico op ernstige spasticiteit.”

Er op tijd bij zijn…

Spasticiteit valt te herkennen wanneer de spier passief wordt verlengd. Men kan dan de spasticiteit meten aan de hand van de weerstand die optreedt tegen die verlenging. De meest gebruikte methode is de Ashworth Scale, die het lichaamsdeel een score geeft van 0 (geen weerstand) tot 4 (rigide). Patiënten die spasmen krijgen na een beroerte bevinden zich na drie weken op niveau 1 en na één jaar op niveau 3 of 4. Het gebeurt jammer genoeg zelden dat de spasmen nog ooit weggaan. Met kinesitherapie, o.a. door de spastische spieren te strekken, kan men de spasticiteit verminderen, zij het tijdelijk. Er moet dus elke dag opnieuw aan gewerkt worden.

… voor een preventieve behandeling?

“De grote vraag waarop we nog steeds geen antwoord hebben, luidt als volgt: als we patiënten, die in een vroeg stadium correct zijn gediagnosticeerd, vroeg genoeg behandelen (meer bepaald met botulinetoxine), zal dat ernstige spasticiteit later vermijden? Vreemd genoeg vinden we over dit onderwerp bitter weinig terug in de literatuur. Patiënten, die tijdens een Duits onderzoek3 al heel vroeg botulinetoxine in het spastische lichaamsdeel geïnjecteerd kregen, hadden na verloop van tijd minder spasmen, terwijl de toxine slechts tijdelijk werkte en dus geen effect meer had”, vervolgt professor Deltombe. Overigens wordt botulinetoxine voor de bovenste ledematen terugbetaald, op voorwaarde dat de behandeling al in het eerste jaar na de beroerte werd opgestart. Daarvoor moeten de spasmen natuurlijk wel op tijd worden opgespoord.

De verergering van beginnende spasmen moet de patiënt er dus toe aanzetten om zijn arts te raadplegen.

Reclame