backtotop
Nieuws
Het ‘flare-up’-effect onder de loep

Het ‘flare-up’-effect onder de loep

De Engelse term ‘flare-up’ betekent ‘explosie’, ‘uitbarsting’ en  verwijst hier naar het testosterongehalte, dat plots sterk toeneemt bij het begin van een prostaatkankerbehandeling met LHRH-agonisten.

Reclame

LHRH-agonisten worden gebruikt bij hormoontherapie tegen prostaatkanker. Doel van deze moleculen: de productie van testosteron in de testikels doen dalen, om op die manier de ontwikkeling van de prostaattumor te vertragen. De groei van de prostaatcellen (al dan niet kankercellen) hangt namelijk af van de invloed van dit mannelijke hormoon.

LHRH-agonisten: eerst stimuleren, dan afremmen

Om het testosterongehalte te doen dalen, is echter een wekenlange behandeling nodig. En na de eerste injectie hebben de LHRH-agonisten tijdelijk een tegenovergesteld effect: ze verhogen de testosteronproductie. We noemen dit het ‘flare-up’-effect. Deze paradoxale stijging van de testosteronconcentratie kan de prostaatkankercellen stimuleren en de tumor tijdelijk doen groeien.
Zodra de behandeling is opgestart, kunnen verdere injecties eveneens minuscule opstoten teweegbrengen, ‘micro surges’ genaamd. Het testosterongehalte stijgt dan lichtjes, maar veel minder sterk dan bij de eerste injectie.

Hoe uit het ‘flare-up’-effect zich?

De stimulatie van de tumorcellen door flare-up kan bestaande prostaatkankerletsels verergeren. Deze plotse groei van de tumor kan zich uiten via:

  • De toename van symptomen zoals urineerproblemen (vertraagd begin van de mictie, zwakke straal, urineretentie);
  • Verergering van de pijn in de wervelkolom of andere botten, in geval van botmetastasen.

Wanneer geen preventiemaatregelen worden genomen, doen de stijging van de testosteronconcentratie en de eerste pijnsymptomen zich voor binnen 12 uur na de injectie, met een piek tijdens de derde dag.

Is flare-up een zorgwekkend verschijnsel?

Nee. Deze paradoxale toename van de testosteronspiegel kan worden tegengegaan. Om het flare-up-effect te bestrijden en het complicatierisico te vermijden, wordt de eerste injectie met LHRH-agonisten meestal gecombineerd met een antiandrogeen. Deze molecule blokkeert niet langer de productie van testosteron, maar wel het effect ervan op de prostaat. Het antiandrogeen wordt ingenomen in tabletvorm, enkele dagen voor en enkele dagen na de injectie.
Andere mogelijkheid: kiezen voor LHRH-antagonisten die geen flare-up veroorzaken. Dit type behandeling geniet de voorkeur als er sprake is van botmetastasen.

Reclame