News

addiction-traitement-verslaving-behandeling_493x200

Parkinson: geneesmiddelen kunnen verslavend zijn

Behandeling van de ziekte van Parkinson kan verslavend werken bij de patiënt. Gelukkig is het 'dopaminerge disregulatie' - syndroom eerder zeldzaam.

Reclame

Dwangmatig geneesmiddelengebruik

Het 'dopaminerge disregulatie'-syndroom is een specifieke gedragsstoornis die voorkomt bij ongeveer 4% van alle parkinsonpatiënten (1). Ze wordt gekenmerkt door verslaving aan de dopaminerge behandeling, vooral dan dopamine en dopamineantagonisten. De patiënt gebruikt die geneesmiddelen dwangmatig, boven de voorgeschreven dosissen en vooral boven wat medisch verantwoord is. 

Behandeling: oorzaak en gevolg van de verslaving

De dopaminerge behandeling wordt dan zowel oorzaak als gevolg van het syndroom, want ze veroorzaakt via conditionering dwangmatig gebruik van deze substantie. Dopamine wordt in dat geval meer gebruikt om klinische ontwenningsverschijnselen te voorkomen dan om haar weldadige effecten. Verslaving wordt dan een reflexmatig verschijnsel dat de patiënt nog moeilijk onder controle krijgt (2).

Voeding, geldspelen, seksualiteit

Het syndroom gaat vaak gepaard met impulscontrolestoornissen. Zo kan de patiënt een pathologische en dwangmatige verhouding ontwikkelen tegenover voeding, aankopen, kansspelen of seksualiteit. De patiënt kan ook niet-productieve, repetitieve en dwangmatige handelingen vertonen. Zo knutselen mannen voortdurend hetzelfde in elkaar of bewerken ze hetzelfde stukje grond, terwijl vrouwen zich overdag de hele tijd maquilleren... Tot slot is er sprake van sterke stemmingswisselingen. Al die symptomen veroorzaken vaak relatieproblemen en kunnen tot sociaal isolement leiden. 

Hoe het 'dopaminerge disregulatie'-syndroom te behandelen?

Allereerst moet dit syndroom herkend worden bij parkinsonpatiënten. Bij gedragsstoornissen is het dan ook noodzakelijk om erover te praten met een arts. Momenteel blijft de behandeling echter beperkt: ze is vooral gebaseerd op het verlagen van de dosissen van de dopaminerge behandeling en op de toediening van antidepressiva. Verder kunnen de impulscontrolestoornissen behandeld worden met psychotherapie, meer bepaald cognitieve en gedragstherapie (1).

Reclame