Nieuws
Dystonie: krampen bij parkinsonpatiënten

Dystonie: krampen bij parkinsonpatiënten

Dystonie is een bijzonder pijnlijk symptoom van de ziekte van Parkinson. Gelukkig bestaan er geneesmiddelen om de pijn te verlichten.

Reclame

Wat is dystonie?

Dystonie is een onnatuurlijke stand (vast of mobiel) die ontstaat door onvrijwillige spiersamentrekkingen, meestal aan de extremiteiten (ledemaatuiteinden). Bijvoorbeeld wanneer de grote teen - of de andere tenen - plots in verticale positie komt te staan. Soms zijn de tenen volledig naar binnen en naar beneden gericht. Het kan ook gaan om een scheve hals (torticollis) of om krampen in de kuit of in de handspieren. Dystonie is het gevolg van een te laag dopaminegehalte in de hersenen.

Een frequent symptoom bij het wakker worden

Dystonie kan een vroegtijdig symptoom zijn van juveniele ziekte van Parkinson (bij personen onder de 50 jaar). Ze kan echter ook voorkomen bij patiënten die al medisch behandeld worden. In dat geval doet dystonie zich voor wanneer geneesmiddelen op basis van levodopa hun maximale werkingsduur bereikt hebben, d.w.z. meestal vóór inname van de volgende tablet. Dystonie treedt vaak op bij het wakker worden, aangezien de patiënt zijn laatste geneesmiddel meestal neemt vlak voor het slapengaan. Het gaat hier om zogenaamde einde-dosis-dystonie, meteen ook de meest frequente vorm. Er bestaan ook piekdosis-dystonieën, die zich voordoen wanneer de concentratie van het geneesmiddel in de hersenen het hoogst is. Deze laatste vorm is echter vrij zeldzaam, in tegenstelling tot de dyskinesieën die bij deze gelegenheid optreden.

Welke behandeling tegen dystonie?

De eerste oplossing bestaat in het aanpassen van de geneesmiddelenbehandeling, door de dosissen te verhogen of ze anders te spreiden over de dag. Als die strategie onvoldoende is, kunnen injecties met botulinetoxine nuttig zijn. Deze injecties worden toegediend in de aangetaste spieren en moeten om de drie à vier maanden herhaald worden. Botulinetoxine veroorzaakt een gedeeltelijke spierverlamming, zodat de spieren niet langer onwillekeurig samentrekken. De mobiliteit van de behandelde spieren is evenwel niet aangetast.
Tot slot kan hersenchirurgie voor sommigen een laatste redmiddel zijn, al komen er slechts heel weinig patiënten voor in aanmerking. Ze worden namelijk streng geselecteerd in referentiecentra.

Reclame