Lymfomen

Behandeling

Transplantatie van stamcellen: hoe en wanneer?

Beschadigd beenmerg

Bij een non-hodgkinlymfoom is soms een transplantatie van stamcellen van het bloed aangewezen. Bijvoorbeeld als de patiënt onvoldoende reageert op de klassieke behandelingen, of in het geval van terugval (snel optredend recidief na een eerste geslaagde behandeling). Als de chemotherapiedosissen moeten worden opgedreven bij een resistent lymfoom of bij terugval, moet geprobeerd worden de toxiciteit van deze hoge dosissen op de gezonde beenmergcellen te beperken. Om de bloedcellen te herstellen wordt dan een transplantatie uitgevoerd van stamcellen die afkomstig zijn van het beenmerg van de patiënt, of van dat van een geschikte donor.

Afname van stamcellen

Voor de behandeling met chemotherapie en/of radiotherapie start, worden dus stamcellen afgenomen en bewaard, om nadien opnieuw bij de patiënt te worden ingespoten. De stamcellen kunnen uit het beenmerg of uit het bloed worden afgenomen. In het eerste geval wordt een punctie uitgevoerd ter hoogte van het bekken. In het tweede geval moet de patiënt een groeifactor innemen, een geneesmiddel waardoor de stamcellen worden afgegeven in de bloedsomloop. Vervolgens worden ze vanuit het bloed afgenomen, met een techniek die momenteel goed ontwikkeld is.

Hoe verloop de transplantatie?

Op het einde van de chemotherapie en/of radiotherapie worden de stamcellen opnieuw ingebracht bij de patiënt, via een intraveneus infuus. Als alles goed gaat, kan het beenmerg dan na twee tot drie weken opnieuw voldoende bloedcellen aanmaken.

Om medisch nieuws te volgen, abonneer u op de MediPedia nieuwsbrief.
greffe-cellules-souches-transplantatie-stamcellen_180x180
Ziektes van A tot Z