Constipatie

Diagnose

Bijkomende onderzoeken

Transittijd in de dikke darm (TTD)

Indien de behandeling de constipatie niet verbetert, en de oorzaak niet kan worden achterhaald, kunnen bijkomende onderzoeken worden uitgevoerd. Door het meten van de transittijd (doorgangstijd) in de dikke darm kan de mate van vertraging worden bepaald van het evacuatieproces via de dikke darm. Zeer kleine plastic, radio-opake kogeltjes ('pellets') worden dan door de patiënt ingeslikt. De volgende dagen worden verschillende radiografieën uitgevoerd om de tijd te meten die deze 'pellets' erover doen om uit de darm te komen. Dit onderzoek kan ook vaststellen welk specifiek deel van de dikke darm een rol speelt bij de constipatie.

Anorectale manometrie

Met de anorectale manometrie (drukmeting) kan de toestand van de anale sluitspier worden onderzocht. Er wordt dan een klein ballonnetje geplaatst in de endeldarm en opgeblazen met een sonde om de aanwezigheid van ontlasting na te bootsen. Dan kan de druk worden gemeten die door de sluitspier wordt uitgeoefend.

Colonoscopie

Indien de arts de aanwezigheid vermoedt van een kanker in de dikke darm, wordt meestal een colonoscopie voorgesteld. Daarbij wordt de dikke darm bekeken door middel van een flexibele darm waaraan een camera vastzit. Voor dit onderzoek moeten eerst de afvalresten uit de dikke darm verwijderd worden. Een colonoscopie wordt meestal uitgevoerd onder een lichte anesthesie.

Geschreven door Julie Luongvolgend hoofdstuk lezen

Om medisch nieuws te volgen, abonneer u op de MediPedia nieuwsbrief.
Reclame
Ziektes van A tot Z