backtotop

Behandeling van angststoornissen

Angststoornissen - Behandeling - Eerste fase van de behandeling

Eerste fase van de behandeling

Naar je emoties luisteren

De eerste fase is: naar uw lichaam en uw gevoelens leren luisteren. Sommigen doorlopen hun problemen zonder omkijken... Tot de motor ontploft. Terwijl je vroeg of laat moet kunnen stilstaan bij mogelijk traumatiserende gebeurtenissen: problemen op het werk, relatieproblemen...

Zich de juiste vragen stellen

Vervolgens moet de patiënt zich de volgende vraag stellen: 'Hoe is het zover kunnen komen? Waarom heb ik niet eerder mijn grenzen gesteld?'. Er moet hoe dan ook een duidelijker link gelegd worden tussen stressfactoren en hun persoonlijke weerslag. Kwestie van niet in dezelfde vicieuze cirkel te belanden: ophoping van stress, slecht stressbeheer en decompensatie. We zijn nu eenmaal geen machines: we moeten tijdig kunnen recupereren, voldoende slapen en af en toe ontspanning nemen, om onze verantwoordelijkheden sereen aan te kunnen!

Reclame
Angststoornissen - Behandeling - Eerste fase van de behandeling

Benzodiazepines en bètablokkers

Tranquilizers, kalmeermiddelen, angstremmers

Benzodiazepines worden meestal tranquillizers, kalmeermiddelen of angstremmers genoemd. Bij een paniekaanvalof onbeheersbare angst is inname van een benzodiazepine zeer doeltreffend. Benzodiazepines zijn geneesmiddelen die inwerken op GABA, één van de neurotransmitters die een rol spelen bij angstmechanismen. Ze hebben een rustgevend effect, ontspannen de spieren ('myorelaxerend' effect) en vergemakkelijken het inslapen. Ze zijn alleen bestemd voor kortdurend gebruik.

Opgelet voor verslaving

Er zijn er heel wat verkrijgbaar op de markt, en naargelang de benzodiazepine overweegt het kalmerende, rustgevende of spierontspannende effect. Maar opgelet: ook al werken deze producten snel, worden ze goed verdragen en zijn ze uiteindelijk zeer doeltreffend, ze kunnen verkeerd gebruikt worden. Zo kunnen ze een paniekaanval doen verdwijnen, zonder dat de patiënt nadenkt over de precieze betekenis ervan. Ze kunnen het valse gevoel geven dat ze een geschikt antwoord zijn op angstproblemen. We mogen niet vergeten dat benzodiazepines de symptomen onderdrukken, zonder de ware stoornis te behandelen. Langdurig gebruik is immers ten zeerste af te raden, want het kan echt verslavend werken.

Bètablokkers

Bètablokkers staan bekend om hun 'antiplanken-koortseffect' en zijn bijzonder populair bij artiesten vóór een optreden. Ze worden vooral voorgeschreven bij hart- en vaatziekten, maar zijn geen doeltreffende behandeling van angststoornissen.

Benzodiazepines en bètablokkers
Reclame

Antidepressiva van de eerste generatie

Tricyclische antidepressiva

Tricyclische antidepressiva zijn de eerste antidepressiva die op de markt kwamen. Ze werken vooral in op serotonine en noradrenaline, maar ook op heel wat andere stoffen in de hersenen, waaronder histamine. Hun antihistaminische werking bevordert de slaap, en dat is voor sommige patiënten goed, maar voor andere echt een handicap, omdat ze er dan overdag vermoeid of neerslachtig bijlopen. Ze hebben een ongunstig tolerantieprofiel, gezien het risico op cardiale bijwerkingen en overdosis. Vandaar dat ze vandaag als tweede- of zelfs derdelijnsgeneesmiddelen worden beschouwd die vooral voorgeschreven worden door specialisten.

MAO-remmers

Soms worden andere antidepressiva gebruikt, zoals MAO-remmers (inhibitoren van de monoamine-oxidase). MAO-remmers zijn net als tricyclische antidepressiva alleen voorbehouden voor resistente gevallen, gezien hun belangrijke bijwerkingen.

Antidepressiva van de eerste generatie

Antidepressiva van de tweede generatie

Referentiebehandeling

De selectieve remmers van de heropname van serotonine (SSRI's) werken uitsluitend in op één neurotransmitter: serotonine, wat hun bijwerkingen beperkt. Momenteel vormen ze de referentiebehandeling van angststoornissen. De bijwerkingen (misselijkheid en seksuele stoornissen) zijn meestal licht en voorbijgaand.

Doeltreffend bij bepaalde angststoornissen

De selectieve remmers van de heropname van serotonine en noradrenaline (SNRI's) werken in op serotonine en noradrenaline. Eén van de moleculen uit die categorie is ook doeltreffend gebleken bij sommige angststoornissen. De bijwerkingen kunnen van het serotonerge type zijn (misselijkheid, seksuele stoornissen), maar ook van het noradrenerge type (beven, slapeloosheid, erectiestoornissen...). Ze kunnen ook een matige stijging veroorzaken van de diastolische bloeddruk. Het risico op bijwerkingen neemt toe met de dosis.

Specifieke werking

Omdat deze antidepressiva op een specifieke manier werken op de neurotransmissie van serotonine en/of noradrenaline, hebben ze veel minder bijwerkingen dan die van de eerste generatie en worden over het algemeen zeer goed verdragen. Dit zijn voor het ogenblik de eerste lijnsmiddelen voor angststoornissen. Ook al werken ze niet onmiddellijk, toch zijn ze een basisbehandeling en zorgen ervoor dat de meeste patiënten terug een normaal leven kunnen leiden. Ze verdienen de voorkeur boven de benzodiazepines omdat ze beter worden verdragen en geen risico op verslaving inhouden.

Antidepressiva van de tweede generatie

Het gebruik van antidepressiva

Niet te snel ontmoedigd raken

De eerste dagen is het resultaat soms ontgoochelend: de symptomen verbeteren niet, er treden af en toe bijwerkingen op... In tegenstelling tot benzodiazepines hebben antidepressiva meestal pas na twee à drie weken effect. Vandaar dat de patiënt wat geduld moet oefenen en elke dag trouw zijn geneesmiddel moet nemen, ook al blijven de effecten voorlopig uit.

De behandeling aanpassen

De arts zal aanvankelijk kleine dosissen voorschrijven en de behandeling zo veel mogelijk aanpassen aan de patiënt. Hij zal ook telkens peilen naar de bijwerkingen. Een eventuele stopzetting moet altijd in overleg gebeuren met de arts. Het is trouwens aan te raden om de behandeling maanden of zelfs langer voort te zetten, om elk terugvalrisico te vermijden. Als er toch beslist wordt om te stoppen, moet dat geleidelijk gebeuren.

Het gebruik van antidepressiva

Psychotherapeutische behandelingen

De psychoanalytische benadering

De psychoanalyse gaat op zoek naar onbewuste, onopgeloste conflicten die aan de basis liggen van sommige symptomen zoals fobieën, obsessies en dwanggedrag. In navolging van Freud verscheen er heel wat literatuur over de verschillende soorten neurosen en hun behandeling. Zonder in detail te treden, moeten we een onderscheid maken tussen de 'klassieke' psychoanalyse en psychoanalytisch georiënteerde therapieën. De psychoanalytische kuur is de meest rigoureuze vorm. Het gaat om een langdurige behandeling die gebaseerd is op de vraag naar introspectie van de patiënt, met drie tot vijf sessies per week. De patiënt ligt languit op de divan en mag vrijuit vertellen wat er door zijn hoofd speelt. De therapeut zal dit dan interpreteren en proberen om de onbewuste conflicten bloot te leggen die de symptomen veroorzaken. Psychoanalytisch georiënteerde therapieën zijn gebaseerd op dezelfde theorieën, maar houden wel een soepeler aanpak in (minder sessies in de vorm van 'face to face'-gesprekken).

Cognitieve gedragstherapie

Cognitieve gedragstherapie is gebaseerd op het idee dat je je gedrag en de bijgaande gedachten kunt wijzigen zonder noodzakelijkerwijze te moeten teruggaan tot de vroegste trauma's (uit de kindertijd). Er bestaan specifieke gedragstherapieën voor de verschillende soorten angststoornissen. Zo zal de therapeut bij specifieke fobieën (zoals slangenfobie, vliegangst...) systematische desensibilisering toepassen. Daarbij wordt de patiënt geleidelijk blootgesteld aan het voorwerp van zijn angst, eerst via gedachten, dan in de concrete realiteit. Cognitieve gedragstherapie is momenteel de enige psychotherapie waarvan de werking is bewezen en die de meeste angststoornissen doeltreffend kan behandelen op korte termijn.

Psychotherapeutische behandelingen

Andere therapieën

EMDR

Onlangs werden er een aantal nieuwe technieken gelanceerd, zoals groepstherapie of het omstreden EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing). Deze 'desensibilisering en herconditionering via oogbewegingen' zorgt ervoor dat de patiënt zich hinderlijke gevoelservaringen opnieuw herinnert, maar zich tegelijk concentreert op een externe prikkel die hem helpt om de laterale oogbewegingen te reproduceren die we spontaan maken tijdens onze dromen. Het is alsof de hersenen hulp krijgen om het trauma te verwerken.

Relaxatietherapie

Tot slot zijn er nog allerlei lichaamstherapieën, zoals relaxatietherapie en bepaalde vormen van kinesitherapie, die ontspannend werken en ons bewustmaken van onze fysiologische reacties.

Andere therapieën

Stress: een dagelijkse strijd

Gezonde levensstijl

We beschikken allemaal over een natuurlijk arsenaal aan verdedigingsmiddelen tegen stress en angst. Aan ons om ze te herontdekken en te gebruiken! Een gezonde levensstijl is daarbij het belangrijkst. Wat voeding betreft: geef de voorkeur aan 'beschermende' voedingsmiddelen zoals vezels, trage suikers en vis en spring zuinig om met stimulerende middelen, zoals alcohol, koffie en tabak.

Elke dag een minimum aan lichaamsbeweging beschermt ons cardiovasculair systeem en voert de overdag opgebouwde spanning af.

Delen

Tot slot is sociale ondersteuning onmisbaar. Je twijfels, emoties en zorgen delen, is een goede manier om te relativeren en op die manier slechte stress te bestrijden.

Stress: een dagelijkse strijd

Geschreven door Dr Pierre Oswald

Reclame
Om medisch nieuws te volgen, abonneer u op de MediPedia nieuwsbrief.