News

Slaapstoornissen en de ziekte van Alzheimer

's Nachts geregeld wakker worden en overdag in slaap vallen... : de ziekte van Alzheimer gaat meestal gepaard met een verstoring van de "waak-slaapcyclus". Die "omkering" is een zware dobber voor de omgeving, al kunnen de gevolgen ervan beperkt worden door enkele eenvoudige tips na te leven en geneesmiddelen te nemen.

Reclame

's Nachts wakker worden

De ziekte van Alzheimer gaat heel vaak gepaard met slaapstoornissen, doordat de neuronenbanen verstoord zijn. In de beginfase van de ziekte nemen die stoornissen meestal de vorm aan van een "slaapteveel": de patiënt is sneller vermoeid, wil vroeg gaan slapen - ook al moet hij daarvoor het avondmaal overslaan - en wordt 's ochtends later wakker. Naargelang de ziekte verergert, ontstaat er een ander type stoornis: de slaaparchitectuur met haar verschillende cycli raakt verstoord, en de diepe slaapfase (de fase waarin we dromen) valt vaak weg. De patiënt wordt 's nachts dikwijls wakker, raakt gedestabiliseerd en krijgt soms ook gedragsstoornissen of in sommige gevallen zelfs wanen of hallucinaties.

Het slaappatroon overhoop gegooid

Een vaak onderbroken, oppervlakkige en weinig verkwikkende slaap heeft helaas ook negatieve gevolgen overdag: de patiënt voelt zich vaak slaperig en heeft de neiging op elk uur van de dag in te dommelen, wat zijn sociaal leven en de relatie met zijn partner of zijn naaste omgeving kan bemoeilijken. Als de "waak-slaapcyclus" eenmaal omgekeerd is, is ze moeilijk te herstellen. Vandaar dat het belangrijk is dit verschijnsel zo veel mogelijk tegen te gaan door overdag actief te zijn. De patiënt aanmoedigen om niet te vroeg naar bed te gaan, kan ook helpen om ervoor te zorgen dat hij 's nachts minder vaak wakker wordt. Een andere tip: hem aansporen om min of meer op hetzelfde uur op te staan en overdag minder te dutten. Ook zware maaltijden en stoffen als cafeïne, nicotine en alcohol vermijden vóór het slapengaan, kan de nachtrust bevorderen.

Geneesmiddelen

Positief punt: bij lichte tot matige vormen van de ziekte kunnen cholinesteraseremmers (geneesmiddelen die de vernietiging vertragen van acetylcholine, een neurotransmitter die een rol speelt bij de ziekte van Alzheimer) de slaapstoornissen verbeteren, doordat de slaapfasen beter gerespecteerd worden.

Ook specifieke geneesmiddelen kunnen het inslapen bevorderen, zoals inslaapmiddelen (slaapinductoren) of sommige angstremmers. Slaapmiddelen (hypnotica) daarentegen zijn zo veel mogelijk af te raden, want ze hebben de neiging de slaapcycli nog meer te verstoren.

Een aangepaste omgeving

Tot slot is ook een veilige omgeving belangrijk. 's Nachts raakt de patiënt immers sneller verward, doordat hij geen zintuiglijke aangrijpingspunten heeft. Zo wordt hij niet zelden midden in de nacht wakker, in de overtuiging dat hij zich in het huis van zijn jeugdjaren bevindt. Als hij opstaat, loopt hij meer risico om te vallen, omdat zijn ruimtelijke oriëntatie verstoord is. Vandaar dat het nuttig is om een aantal voorzorgen te nemen, zoals: een lamp plaatsen waar hij makkelijk bij kan, alle tapijten en andere hindernissen wegnemen, en zo mogelijk zijn slaapkamer op de benedenverdieping installeren.

Julie Luong, met medewerking van dr. Philippe Desfontaines, diensthoofd neurologie in het CHC van Luik.

Reclame