News

Als alzheimer jongeren treft

De ziekte van Alzheimer kan al toeslaan op jonge leeftijd. Probleem is dat de diagnose bijzonder moeilijk te stellen is bij jongeren.

Reclame

De ziekte van Alzheimer komt vooral voor bij 65-plussers. Toch blijven ook jongere mensen er niet van gespaard. In sommige extreme - en gelukkig weinig voorkomende - gevallen treft dementie zelfs patiënten die nog niet eens de kaap van de veertig voorbij zijn.

Een atypisch profiel voor een gecompliceerde diagnose

"In die gevallen is de diagnose niet altijd makkelijk te stellen, omdat het ziektebeeld niet het klassieke patroon vertoont", aldus Jean-Christophe Bier, neuroloog en alzheimerspecialist in het Brusselse Erasmusziekenhuis.

Net wegens het atypische karakter van vroege alzheimer is de aanvankelijke diagnose vaak fout en worden eerst een depressie of een ander type dementie vermoed. "Klassieke alzheimer is sowieso al moeilijk op te sporen in de klinische praktijk, maar is dat nog meer bij jonge patiënten", vervolgt de specialist. Toch kan de arts meestal de juiste diagnose stellen op basis van het ziekteverloop en de concrete impact op het leven van de patiënt.

Welke genen zijn er in het spel?

Temeer omdat sommige aanwijzingen doorslaggevend kunnen zijn voor gevallen onder de 50 jaar. "Wetenschappers hebben drie genen opgespoord die op jonge leeftijd alzheimerdementie kunnen veroorzaken", aldus nog Jean-Christophe Bier. "Een patiënt met verdachte symptomen kan drager zijn van zo'n gen als uit de familiale anamnese blijkt dat zijn ouders of grootouders op vroege leeftijd cognitieve en/of gedragsstoornissen hebben gehad."

Toch is het niet altijd eenvoudig om een duidelijk beeld te krijgen van de voorgeschiedenis: "Omdat de patiënt in kwestie jong gestorven is aan een andere ziekte of omdat hij als 'gek' werd bestempeld in een tijd waarin de ziekte van Alzheimer nog niet echt erkend werd".

Betekent dit dat die genen systematisch moeten worden opgespoord bij twijfel? "Gezien het lage percentage patiënten dat één van die genetische afwijkingen vertoont - ongeveer 20 % van alle jonge patiënten - , is een genetisch onderzoek in de praktijk alleen noodzakelijk in specifieke, strikt geselecteerde gevallen", vindt de neuroloog. "Bovendien is er een grondige psychologische follow-up nodig. Want als er een dominant gen wordt teruggevonden, heeft de patiënt één kans op twee dat hij het gen heeft doorgegeven aan zijn kinderen."

Een grote schok voor de naaste omgeving

De diagnose is hoe dan ook moeilijk te aanvaarden, ongeacht de oorzaak van de ziekte. "Het is uiteraard een zware klap om zoiets te horen als je jong bent, maar ook ouderen hebben er zwaar onder te lijden. Vaak is de klap echter nog groter voor de naaste omgeving, want die ging er altijd van uit dat alleen ouderen de ziekte konden krijgen. "Soms heeft de omgeving dan ook nog meer psychologische ondersteuning nodig dan de patiënt zelf", besluit Jean-Christophe Bier.

Reclame