Nieuws

Afwezigheid van juridische aansprakelijkheid bij alzheimerpatiënten

Krankzinnige personen zijn volgens de Belgische wet niet aansprakelijk, noch strafrechtelijk noch burgerrechtelijk. Toch worden de daders niet noodzakelijk ontslagen van hun herstelplicht.

Reclame

De ziekte van alzheimer is een degeneratieve aandoening van het centrale zenuwstelsel die geleidelijk tot dementie leidt. De patiënt kan niet langer rationeel denken en kan daardoor ongewild schade berokkenen aan derden. Het feit dat zo iemand niet meer handelingsbekwaam is, plaatst hem of haar juridisch gezien in een bijzondere situatie. Als het gerecht zijn staat van krankzinnigheid erkent, wordt de persoon in kwestie niet langer als burgerrechtelijk of strafrechtelijkaansprakelijk beschouwd.

 

Geen aansprakelijkheid, wel herstelplicht

 

"Zo'n toestand van krankzinnigheid kan aangetoond worden aan de hand van medische attesten", aldus Sabine Henry, voorzitster van de Alzheimerliga. "Bij twijfel vraagt de rechter advies van een door hem aangestelde deskundige." Maar opgelet: afwezigheid van aansprakelijkheid betekent niet dat, wie schade berokkent, ontslagen wordt van herstelplicht. Artikel 1386 bis van het Burgerlijk Wetboek is in dat verband duidelijk: "Wanneer aan een ander schade wordt veroorzaakt door een persoon die zich in staat van krankzinnigheid bevindt, of in een staat van ernstige geestesstoornis of zwakzinnigheid die hem voor de controle van zijn daden ongeschikt maakt, kan de rechter hem veroordelen tot de gehele vergoeding of tot een gedeelte van de vergoeding waartoe hij zou zijn gehouden, indien hij de controle van zijn daden had. De rechter doet uitspraak naar billijkheid, rekening houdende met de omstandigheden en met de toestand van de partijen".

 

Verzekering burgerlijke aansprakelijkheid behouden

 

Het is dus de rechter die geval per geval een schadevergoeding vastlegt. "Het is dan ook beter om een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid te behouden voor de patiënt", vervolgt Sabine Henry. Die voorzorgsmaatregel is echter niet altijd makkelijk te nemen, want veel verzekeringsmaatschappijen weigeren alzheimerpatiënten te verzekeren.

"Ook al ontslaat de rechter de patiënt van zijn herstelplicht, toch kan hij in theorie een schadevergoeding opleggen aan de omgeving van de patiënt", waarschuwt Sabine Henry. "Dat is het geval als hij van oordeel is dat de naasten tekortgeschoten zijn in hun toezichtsplicht." Vandaar dat de naasten van de patiënt er goed aan doen om een familiale BA-verzekering te nemen die de aangerichte schade dekt.

Toch blijft het in de wetteksten en de rechtspraak onduidelijk in welke mate de naaste omgeving aansprakelijk is. De aansprakelijkheid van de verzorgingsinstelling daarentegen is duidelijker vastgelegd en wordt ook gemakkelijker in aanmerking genomen door de rechter.

Geen strafrechtelijke aansprakelijkheid voor de patiënt

 

Ook in strafzaken is de niet-aansprakelijkheid van de patiënt de regel. Begaat hij een misdrijf van een zekere ernst, dan stelt de onderzoeksrechter een psychiatrisch deskundige aan. Die moet dan uitmaken of de dader zich op het ogenblik van de feiten in een toestand van krankzinnigheid bevond of in een staat van ernstige geestesstoornis waardoor hij niet aansprakelijk is voor zijn daden. Is dat het geval, dan zal de rechter hem nooit veroordelen tot een boete of hem in hechtenis laten nemen.

Is de rechter daarentegen van oordeel dat de patiënt een gevaar vormt voor zichzelf of voor anderen, dan kan hij plaatsing eisen in een instelling of, als dat al het geval is, een strenger regime eisen.

Burgerrechtelijk en strafrechtelijk lijkt de Belgische wetgeving dus evenwichtig: enerzijds erkent ze het specifieke karakter van de ziekte en stelt ze de patiënt vrij van volledige aansprakelijkheid, anderzijds houdt ze rekening met de schade die is berokkend aan het slachtoffer en met diens recht op herstel.

Jonathan Barbier

Reclame