Zoom

intestin-deuxieme-cerveau-darmen-tweede-brein_555x240

Hersenen en darmen: onlosmakelijk verbonden

Zijn onze darmen ons tweede brein? Er zijn in ieder geval veel gelijkenissen tussen beide organen...

De link tussen de hersenen en de darmen: het enterale zenuwstelsel

Ons darmstelsel is geen orgaan als een ander. Het heeft een eigen zenuwstelsel, het zogenaamde enterale of darmzenuwstelsel. Dat staat in voor onvrijwillige functies in ons lichaam, zoals de peristaltische bewegingen (spiersamentrekkingen waardoor de voedselbrij wordt voortgestuwd), maagzuur of braken. In het enterale zenuwstelsel zitten 200 miljoen neuronen en heel veel neurotransmitters. Serotonine is bijvoorbeeld een neurotransmitter die zowel in de hersenen (hij regelt de stemming) als in de darmen voorkomt. Het enterale zenuwstelsel is met het centrale zenuwstelsel - en dus met de hersenen - verbonden via de zwervende zenuw.

Hersenen en darmen, altijd in contact met elkaar

Door de zwervende zenuw kunnen de darmen permanent met de hersenen communiceren. Beide organen sturen elkaar informatie via de neurotransmitters. Door deze communicatie kan het lichaam zich beschermen tegen bepaalde gevaren. Als de darmen bijvoorbeeld in contact komen met besmet voedsel, zullen ze de hersenen verwittigen via de zwervende zenuw. De hersenen zullen daarop een signaal naar de darmen sturen dat ze het spijsverteringsproces moeten stilleggen.

Inwerken op de ene = inwerken op de andere?

De gelijkenissen tussen de darmen en de hersenen verklaren waarom geneesmiddelen die op de hersenen inwerken soms ook een effect hebben op de darmen. Dat is onder meer het geval met antidepressiva. Deze middelen werken in op de serotonine om de gemoedstemming te verbeteren en veroorzaken vaak spijsverteringsproblemen bij patiënten die in behandeling zijn voor een depressie. Maar ook het omgekeerde kan. Zo is bekend dat antidepressiva, in kleine dosissen toegediend, de darmklachten bij het prikkelbaredarmsyndroom verzachten. Deze wisselwerking tussen de hersenen en de darmen kan ook verklaren waarom sommige patiënten met het prikkelbaredarmsyndroom last hebben van angststoornissen. De invloed van de darmwerking op de neurotransmitters en vice versa biedt dan ook een functionele (en geen psychosomatische) verklaring voor het verband tussen gemoedsstoornissen en de spijsvertering.

Reclame
Ziektes van A tot Z