Onvruchtbaarheid

Geassisteerde voortplanting

In-vitrofertilisatie (IVF)

Stimulering van de eierstokken

In-vitrofertilisatie (IVF) begint met stimulering van de eierstokken (door herhaalde injecties van gonadotrofines) om meerdere rijpe eicellen te verkrijgen. Die eicellen worden geoogst door aspiratie van de follikels onder echografische controle voor het moment van de eisprong.
De arts zal trouwens een geneesmiddel geven om de natuurlijke eisprong te verhinderen opdat de eisprong niet zou plaatsvinden voor het oogsten van de eicellen. Bij stimulering van de eierstokken moet de vrouw worden gemonitord (via echografie en bepaling van de hormoonspiegels in het bloed), om na te gaan wanneer de follikels rijp zijn.

Oogsten van de eicellen

De eisprong wordt dan medisch in gang gezet met een injectie van HCG (humaan choriongonadotrofine). De follikels in de eierstokken moeten 35-36 uur later worden opgezogen. Dat gebeurt via de vagina en onder echografische controle.

Twee methoden van in-vitrofertilisatie

De eicellen die in het follikelvocht liggen, worden in het laboratorium (in een kweekbodem) in contact gebracht met zaadcellen.
De eicel kan op twee manieren worden bevrucht:

  • de eicel en geselecteerde, beweeglijke zaadcellen worden in cultuur gebracht (normale inseminatie of klassieke IVF),
  • micro-injectie: onder de microscoop injecteert de bioloog een zaadcel in de rijpe eicel (ICSI, intracytoplasmatische sperma-injectie).

De keuze hangt af van de medische gegevens van het koppel en de bevindingen van eventuele vroegere behandelingen. ICSI wordt hoofdzakelijk uitgevoerd als het zaad zeer abnormaal is (zeer klein aantal zaadcellen en/of zaadcellen die zeer weinig bewegen). De zaadcellen worden dan verkregen door een punctie van de bijbal of een biopsie van de teelbal. ICSI is ook wenselijk als een klassieke in-vitrofertilisatietechniek mislukt.

Embryotransfer

Het embryo wordt twee tot zes dagen na de punctie van de eicellen getransfereerd (weer in de baarmoeder van de patiënte geplaatst).

Donoreicel

Als de eierstokken niet of niet meer reageren op geneesmiddelen die de groei van de follikels stimuleren, kan IVF met eicellen van een donor worden uitgevoerd. De donor moet dan de therapeutische stappen volgen, tot en met punctie van de eicellen. De embryo’s worden in dat geval verkregen door bevruchting van eicellen van de donor door zaadcellen van de partner van de patiënte die de eicellen ontvangt.

volgend hoofdstuk lezen

Om medisch nieuws te volgen, abonneer u op de MediPedia nieuwsbrief.
fecondation-in-vitro-in-vitrofertilisatie_180x180
Ziektes van A tot Z